Nog altijd te veel huurwoningen zonder waarschuwingssysteem als het brandt

Publicatiedatum

Auteur

Katrien Schryvers

Deel dit artikel

Sinds 1 januari 2020 zijn rookmelders verplicht in alle woningen. In 2022 voldeed 11% van de gecontroleerde huurwoningen niet aan de verplichting om op elke verdieping een rookmelder te hangen. Dat vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers in antwoord op een parlementaire vraag aan Vlaams minister van Wonen Matthias Diependaele. Dat is nog altijd veel te veel. Elke rookmelder kan levens redden. We moeten er daarom op blijven inzetten dat die ook effectief geïnstalleerd worden en correct worden onderhouden.

Recent kwamen een vader en zijn twee jonge kinderen om in een woningbrand in Gent. De moeder kon zich ter nauwer nood redden. Het gezin woonde in een huurhuis waar geen rookmelders aanwezig waren, zo blijkt. “Nochtans is het sinds 1 januari 2020 verplicht om op elke verdieping van een woning een rookmelder te hebben”, weet Vlaams parlementslid Katrien Schryvers.

Controle op de rookmelderverplichting gebeurt in hoofdzaak in het kader van het toekennen van een conformiteitsattest om een woning te huur te kunnen aanbieden. “In woningen van eigenaars-bewoners wordt er amper gecontroleerd op de rookmeldersverplichting, maar dat wil niet zeggen dat de aanwezigheid van een waarschuwingssysteem als het brandt daar minder belangrijk zou zijn”, aldus Schryvers, “Sensibiliseren over het belang van rookmelders blijft zonder meer levensbelangrijk.”

3173 gecontroleerde huurhuizen zonder branddetectie

Vorig jaar werden 3173 woningen in het VLOK (Vlaams Loket Woningkwaliteit) geregistreerd die niet voldeden aan de voorschriften met betrekking tot een rookdetectiesysteem, goed voor 11% of 1 op 9 van alle gecontroleerde woningen. Dat blijkt uit cijfers die Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers opvroeg. Daarmee wordt de verplichting om rookmelders te plaatsen al wel beter opgevolgd dan in 2020, toen nog 17% of bijna 1 op 6 van alle gecontroleerde woningen niet of onvoldoende voorzien was van rookmelders, maar een grote vooruitgang tegenover 2021 is er niet. “In 2021 was 1 op 8 woningen niet in orde, vorig jaar 1 op 9. Dat is nog altijd te weinig”, vindt Schryvers, “Deze cijfers gaan bovendien enkel over de huurhuizen. We mogen er wellicht vanuit gaan dat er ook nog altijd heel wat huizen van eigenaars-bewoners niet in orde zijn.”

Op administratief vlak kan het ontbreken van een rookmelder ertoe leiden dat de woning ongeschikt wordt verklaard. Dat kan onder andere resulteren in een heffing en/of een sanctie voor de eigenaar, en het nietig verklaren van een lopende huurovereenkomst. “Dat het ontbreken van voldoende rookmelders echter ook een zware menselijke tol kan eisen, is veel ingrijpender en jammer genoeg pas nog eens aangetoond”, betreurt Schryvers.

“Rookmelders alarmeren in geval van brand en zijn echt onmisbaar in een woning. Het is echt wel met reden dat er een rookmeldersverplichting werd ingevoerd”, besluit Schryvers, “Het is goed een positieve evolutie vast te stellen, waarbij steeds meer gecontroleerde woningen voorzien blijken te zijn van voldoende rookmelders, maar om zoveel mogelijk slachtoffers te vermijden moeten we toch kunnen evalueren naar een perfecte score.” Schryvers doet daarom een oproep naar iedereen om na te gaan of zijn woning in orde is, en naar de Vlaamse en lokale overheden om te blijven sensibiliseren. “Niet alleen over de correcte plaatsing en het aangewezen type van rookmelder, maar zeker ook over het belang van het tijdig vervangen van de rookmelders of de batterijen, van het regelmatig testen en het afstoffen ervan”, benadrukt het parlementslid.

Nieuws

Gezinnen mogen kraamzorg niet zien wegsmelten omdat hun baby medische zorgen nodig heeft

Gezinnen die een baby verwelkomen kunnen beroep doen op kraamzorg vanaf één maand voor de vermoedelijke bevallingsdatum tot drie maanden na de bevalling. Gezinnen van wie de baby nade geboorte langere tijd in het ziekenhuis moet blijven, bijvoorbeeld na een vroeggeboorte, zien een deel van de periode dat ze beroep kunnen doen op kraamzorg voorbijgaan zonder dat ze er gebruik van kunnen maken. “Totaal onrechtvaardig voor gezinnen van wie het kindje medische zorgen nodig heeft”, vindt Vlaams Parlementslid Katrien Schryvers (cd&v) en welzijnsexperte. Daarom wil cd&v de termijn voor kraamzorg opschorten wanneer de baby in de drie maanden na de geboorte in het ziekenhuis moet verblijven.

Cd&v vraagt uitzondering voor zieke en mantelzorgende studenten

Bij de Septemberverklaring besliste de Vlaamse regering om het groeipakket, de vroegere kinderbijslag, in Vlaanderen in te perken voor studenten tot 23 jaar. Cd&v vraagt om hierbij uitzonderingen te voorzien voor studenten die uitvielen wegens ziekte of die mantelzorger zijn. “Voor studenten die de doorheen hun studiejaren de zorg van een naaste op zich namen of die zelf te maken kregen met ziekte, mag de inperking van het groeipakket niet betekenen dat zij hun studies moeten stopzetten. Daarom wil cd&v voor die groep een uitzondering voorzien”, zegt Vlaams parlementslid Katrien Schryvers.

Herstelverblijven: We hebben elke plaats meer dan nodig

Cd&v vraagt een duurzame oplossing voor de herstelverblijven in Vlaanderen. Na een hospitalisatie of ernstige ziekte kunnen patiënten in een herstelbedrijf revalideren en werken aan zelfredzaamheid. Zonder tussenkomst van de minister dreigen eind dit jaar bijna 1.000 plaatsen in zo’n herstelverblijf verloren te gaan. Vlaams Parlementslid Katrien Schryvers (cd&v) trekt -niet voor het eerst- aan de alarmbel en vraagt de bevoegde minister om actie én te komen met een langetermijnoplossing voor de herstelverblijven in Vlaanderen. “Vorig jaar kwam de minister met ad hoc maatregelen, het is dringend tijd voor een duurzame oplossing. In totaal dreigen bijna 1000 plaatsen voor patiënten opnieuw te verdwijnen”, stelt Schryvers. “Dit mag echt niet gebeuren. Voor patiënten is dit géén overbodige luxe, elke plaats is meer dan nodig. In een context waarin de zorg- en ondersteuningsnoden almaar toenemen, is het verloren laten gaan van capaciteit voor cd&v gewoonweg onverantwoord.”