Eindelijk stappen naar monitoringssysteem voor studentenkamers

Publicatiedatum

Auteur

Katrien Schryvers

Deel dit artikel

Het Steunpunt Wonen zal dit jaar een onderzoek uitvoeren naar de opstart van een monitoringssysteem voor de vraag naar en het aanbod aan studentenkamers, dat vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers in antwoord op een parlementaire vraag aan Vlaams minister voor Wonen Matthias Diependaele. "Eindelijk!", reageert Schryvers, die de vraag naar registratie al lang stelt, “Het is immers enkel als je zicht hebt op het juiste aanbod en de noden die er zijn, dat ook kan worden berekend waar en met hoeveel het aanbod moet toenemen. Enkel zo kunnen de juiste beslissingen hiertoe worden genomen.”

De krapte op de markt van studentenkamers laat zich al geruime tijd voelen en lijkt structureel. Zo zou er tegen 2030 behoefte zijn aan maar liefst 95.000 extra koten in ons land. Dit als gevolg van het toenemend aantal studenten en niet in het minst van internationale studenten.

“Onze jongeren moeten goede kansen op hoger onderwijs hebben, een goede huisvesting hoort daarbij”, vindt Vlaams parlementslid Katrien Schryvers, “Het is een taakstelling voor Vlaanderen om daarin mee te voorzien. Maar op verschillende parlementaire vragen die ik hierover stelde, zowel aan de minister van wonen als aan de minister voor onderwijs, kreeg ik steevast het antwoord dat er geen precies zicht is op het aantal studentenkamers in de verschillende studentensteden, “De resultaten van een eerdere bevraging door het Agentschap Wonen Vlaanderen daarover werd zelfs niet vrijgegeven omdat de studentensteden en onderwijsinstellingen slechts ruwe schattingen konden geven”, aldus het parlementslid.

“We varen dus blind, terwijl er met de regelmaat van de klok berichten zijn over tekorten en het feit dat studenten maar heel moeilijk een betaalbaar kot vinden”, gaat Schryvers verder, “Om te kunnen voldoen aan de vraag en om te weten welke inspanningen dienen te gebeuren, is het vanzelfsprekend essentieel te weten wat de stand van zaken is. Daarom dring ik er al jaren op aan om de vraag en het aanbod aan studentenkoten te registreren.”

In navolging daarvan werd het thema al verschillende keren op de agenda gezet van het Overlegplatform Private Huur – Studentenhuisvesting. Op dit overlegplatform ontmoeten studentensteden en onderwijsinstellingen elkaar om ervaringen uit te wisselen, kennis te delen en zaken aan het beleid te signaleren. Ook binnen de sector werd al meermaals aangekaart dat er geen zicht is op het aantal studentenverblijven, noch op de precieze vraag daartoe. De nood aan een adequaat monitoringssysteem is nu opgenomen in het plan van aanpak inzake studentenhuisvesting dat werd opgemaakt om een aantal knelpunten binnen de studentenhuisvesting te verhelpen, zo vernam Schryvers in antwoord op een parlementaire vraag.

Meer bepaald zal het Steunpunt Wonen in 2023 een onderzoek uitvoeren naar welke data verzameld dienen te worden en op welke manier die in kaart moeten worden gebracht. “Het is de bedoeling dat de resultaten ertoe leiden dat er zicht komt op het bestaande aanbod aan studentenhuisvesting, maar ook op de vraag daarnaar”, vertelt Schryvers, “Ik ben tevreden dat er eindelijk concrete stappen worden ondernomen op dit vlak. Enkel zo kan becijferd worden in welke mate en waar precies het aanbod moet toenemen. Bovendien kan via de monitoring ook duidelijk worden naar welke soort van studentenhuisvesting het meeste vraag is. Samen met de eerdere toezegging van de minister dat er werk wordt gemaakt van een uniform kwaliteitslabel – iets waar ik ook verschillende jaren op heb aangedrongen – is dit belangrijk in het garanderen van voldoende, kwaliteitsvolle en betaalbare huisvesting voor de studenten.”

Nieuws

Gezinnen mogen kraamzorg niet zien wegsmelten omdat hun baby medische zorgen nodig heeft

Gezinnen die een baby verwelkomen kunnen beroep doen op kraamzorg vanaf één maand voor de vermoedelijke bevallingsdatum tot drie maanden na de bevalling. Gezinnen van wie de baby nade geboorte langere tijd in het ziekenhuis moet blijven, bijvoorbeeld na een vroeggeboorte, zien een deel van de periode dat ze beroep kunnen doen op kraamzorg voorbijgaan zonder dat ze er gebruik van kunnen maken. “Totaal onrechtvaardig voor gezinnen van wie het kindje medische zorgen nodig heeft”, vindt Vlaams Parlementslid Katrien Schryvers (cd&v) en welzijnsexperte. Daarom wil cd&v de termijn voor kraamzorg opschorten wanneer de baby in de drie maanden na de geboorte in het ziekenhuis moet verblijven.

Cd&v vraagt uitzondering voor zieke en mantelzorgende studenten

Bij de Septemberverklaring besliste de Vlaamse regering om het groeipakket, de vroegere kinderbijslag, in Vlaanderen in te perken voor studenten tot 23 jaar. Cd&v vraagt om hierbij uitzonderingen te voorzien voor studenten die uitvielen wegens ziekte of die mantelzorger zijn. “Voor studenten die de doorheen hun studiejaren de zorg van een naaste op zich namen of die zelf te maken kregen met ziekte, mag de inperking van het groeipakket niet betekenen dat zij hun studies moeten stopzetten. Daarom wil cd&v voor die groep een uitzondering voorzien”, zegt Vlaams parlementslid Katrien Schryvers.

Herstelverblijven: We hebben elke plaats meer dan nodig

Cd&v vraagt een duurzame oplossing voor de herstelverblijven in Vlaanderen. Na een hospitalisatie of ernstige ziekte kunnen patiënten in een herstelbedrijf revalideren en werken aan zelfredzaamheid. Zonder tussenkomst van de minister dreigen eind dit jaar bijna 1.000 plaatsen in zo’n herstelverblijf verloren te gaan. Vlaams Parlementslid Katrien Schryvers (cd&v) trekt -niet voor het eerst- aan de alarmbel en vraagt de bevoegde minister om actie én te komen met een langetermijnoplossing voor de herstelverblijven in Vlaanderen. “Vorig jaar kwam de minister met ad hoc maatregelen, het is dringend tijd voor een duurzame oplossing. In totaal dreigen bijna 1000 plaatsen voor patiënten opnieuw te verdwijnen”, stelt Schryvers. “Dit mag echt niet gebeuren. Voor patiënten is dit géén overbodige luxe, elke plaats is meer dan nodig. In een context waarin de zorg- en ondersteuningsnoden almaar toenemen, is het verloren laten gaan van capaciteit voor cd&v gewoonweg onverantwoord.”