Cd&v vreest dat heel wat mensen die nood hebben aan aangepast vervoer bij de nakende hervorming die de mobiliteitsminister plant uit de boot zullen vallen. De partij vraagt om garanties: “We vragen een menselijke toets voor situaties waarin mensen met een reële mobiliteitsnood niet in een vooraf bepaald administratief vakje passen, zoals ouderen of mensen die tijdelijk minder mobiel zijn door ziekte of ongeval. Die is er in het huidig kader niet waardoor zij zullen uitgesloten worden van het aangepast vervoer”, zeggen Vlaams parlementsleden An Christiaens en Katrien Schryvers.
De vraag naar aangepast vervoer stijgt sterk in Vlaanderen. Diensten voor aangepast vervoer brengen mensen met een mobiliteitsbeperking naar medische afspraken, dagbesteding, werk of sociale activiteiten wanneer zelfstandig vervoer of openbaar vervoer geen haalbare optie is.
Mobiliteitsminister Annick De Ridder werkt aan een hervorming van het aangepast vervoer. Vandaag verschillen de regels en toegang soms van regio tot regio. De bedoeling is om in heel Vlaanderen op dezelfde manier te bepalen wie recht heeft op aangepast vervoer. “De ambitie om het systeem eenvoudiger en eerlijker te maken steunt cd&v”, zo zeggen Vlaams Parlementsleden An Christiaens en Katrien Schryvers (cd&v), “Maar niet ten koste van mensen die vandaag afhankelijk zijn van het aangepast vervoer. Verschillende van hen dreigen bij de huidige plannen ritten te verliezen en dat kan niet voor cd&v.” De partij vraagt garanties vooraleer de plannen verder uitgerold kunnen worden.
Individuele beoordeling
In het nieuwe systeem zal op basis van een mobiliteitsindicatiestelling bepaald worden wie gebruik mag maken van een Dienst voor Aangepast Vervoer en wie niet. Zoals het er nu naar uitziet, zal die gebaseerd zijn op administratieve erkenningen, zoals het hebben van een erkenning bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH) of in het kader van de Vlaamse Sociale Bescherming.
“Dat bepaalde groepen automatisch recht zullen krijgen om gebruik te maken van aangepast vervoer is zeker een pluspunt”, aldus Katrien Schryvers, “maar door enkel op deze manier te werken dreigt een aanzienlijke groep mensen toch uitgesloten te worden. Denk aan ouderen zonder een formele erkenning, mensen met tijdelijke mobiliteitsbeperkingen bijvoorbeeld omwille van ongeval of ziekte, of mensen met psychische problemen. Voor hen is er absoluut nood aan een individuele beoordelingsprocedure.”
“Je kunnen verplaatsen maakt essentieel deel uit van inclusie”, gaat An Christiaens verder, “Een doktersbezoek, een afspraak in het ziekenhuis, gaan werken, naar een dagbesteding, een vrijetijdsverplaatsing of op familiebezoek… om te kunnen participeren is mobiliteit een noodzaak. En voor heel wat mensen, denk aan mensen die – al dan niet tijdelijk – rolstoelgebonden zijn, is aangepast vervoer hiertoe de enige mogelijkheid.”
Christiaens en Schryvers vragen daarom om naast automatische criteria ook de mogelijkheid te blijven voorzien dat de Diensten voor Aangepast Vervoer een individuele beoordeling maken in complexe situaties. Dat moet vermijden dat mensen tussen de mazen van het net vallen.
Mensen zijn geen postpakketjes
Cd&v heeft ook moeite met het vervoer ‘van deur tot deur’. “Aangepast vervoer is geen pakjesdienst”, aldus Katrien Schryvers, “We zien vandaag hoe diensten en chauffeurs veel meer doen dan mensen van punt A naar punt B brengen. Zij kennen hun gebruikers en hun zorgnoden, helpen mensen letterlijk op weg en maken vaak mee het verschil tussen deelnemen aan de samenleving of thuis geïsoleerd raken. Dat menselijke aspect mogen we niet wegduwen in een puur administratief systeem.”
Concreet vraagt cd&v daarom duidelijke garanties voor huidige en toekomstige gebruikers. “Wij vragen geen willekeur of een terugkeer naar een systeem van losse uitzonderingen. We vragen een menselijke toets voor situaties waarin mensen met een reële mobiliteitsnood niet in een vooraf bepaald administratief vakje passen”, zo zegt Christiaens, “Cd&v wil ook voldoende aandacht voor de zorgcomponent in aangepast vervoer en een nauwe afstemming tussen Mobiliteit en Welzijn.”
Er is geen tijd te verliezen: als het nieuwe systeem in 2028 van start moet gaan, worden de spelregels de komende maanden vastgelegd.
“Een hervorming moet vertrekken vanuit de vraag hoe mensen met een zorgnood zich kunnen blijven verplaatsen, niet vanuit de vraag in welk administratief vakje ze passen. Voor wie vandaag nood heeft aan aangepast vervoer, moet dat morgen beter zijn dan vandaag”, aldus Schryvers en Christiaens. “Mobiliteit maakt voor ons onlosmakelijk deel uit van inclusie. In een warm Vlaanderen moeten ook mensen met een mobiliteitsbeperking zich kunnen verplaatsen en kunnen participeren aan het maatschappelijk leven. Een nieuwe regulering van het aangepast vervoer mag daar niet op inboeten.”