Sinds de invoering in 2019 maakten nooit eerder meer Vlamingen gebruik van de doorgeefschenking, waarbij iemand die erft binnen het jaar kosteloos kan doorschenken aan zijn of haar kinderen. In totaal werden via deze mogelijkheid al meer dan 10.000 woningen, appartementen of gronden doorgeschonken aan de jongere generatie. “De oudere generatie heeft vaak minder nood, terwijl de jongere generatie met grote kosten wordt geconfronteerd. Op die manier kunnen oudere mensen die erven een duwtje in de rug geven van hun kinderen of kleinkinderen”, zegt cd&v-parlementslid Katrien Schryvers, wiens parlementair werk aan de basis ligt van de doorgeefschenking.
Een beleidskeuze die haar vruchten afwerpt
In 2015 lanceerde Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers het voorstel van de doorgeefschenking. De redenering was eenvoudig maar krachtig: mensen sterven steeds op latere leeftijd, waardoor hun kinderen zelf bij het erven vaak al in een levensfase zitten dat zij de middelen niet meer allemaal nodig hebben. De kleinkinderen daarentegen, die in de volle opbouwfase van hun leven zitten, zouden die middelen beter kunnen gebruiken. Zonder een slimme regeling moest er dubbel betaald worden: eerst erfbelasting door de kinderen, daarna opnieuw schenkbelasting wanneer zij de erfenis wilden doorgeven aan hun eigen kinderen.
Schryvers slaagde er in haar voorstel te laten opnemen in de hervorming van de erfbelasting, die inging op 1 september 2018. Sindsdien is het mogelijk om geërfde goederen binnen het jaar na het overlijden belastingvrij door te schenken aan de volgende generatie. De erfgenaam betaalt enkel de erfbelasting op de ontvangen nalatenschap, de daaropvolgende doorgeefschenking is vrijgesteld van schenkbelasting. Voorwaarden zijn dat de erfbelasting werd betaald in rechte lijn (bijvoorbeeld de kinderen die ervan van hun ouders) en dat de doorschenking via een notariële akte verloopt.
“De flexibiliteit is de grote troef van dit systeem”, legt Schryvers uit. “Wie erft, kan een deel doorschenken én een deel behouden, bijvoorbeeld als een appeltje voor de dorst voor latere kosten zoals een verblijf in een woonzorgcentrum. Zo geeft de oudere generatie de jongere generatie een duwtje in de rug, terwijl men toch zelf een stuk zekerheid kan inbouwen.”.
Recordjaar 2025: nog nooit zo vaak toegepast
Uit de cijfers die Schryvers opvroeg, blijkt dat in 2025 het aantal aktes van doorgeefschenking met 1.251 hoger was dan ooit tevoren. Tegenover de 265 aktes in 2019 betekent dit een stijging met maar liefst 372%. Ook het aantal begiftigden bereikte een hoogtepunt met 2.385 personen, een stijging van 79,8% tegenover 2019. Het totale doorgeschonken vermogen bedroeg 398 miljoen euro, met een bijhorende belastingvrijstelling van 13,3 miljoen euro, een verviervoudiging ten opzichte van de 2,4 miljoen euro in 2019.
Meer dan 10.000 onroerende goederen voor de jongere generatie
Uit de analyse die Schryvers deed, blijkt dat sedert de invoering in 2019 al 10.602 woningen, appartementen of gronden werden doorgeschonken aan de jongere generatie.
Om de omvang te vatten: dat zijn gemiddeld 5 woningen, appartementen of gronden per dag die zo van eigenaar wisselen, of bijna 34 per week, gerekend vanaf het moment dat de regeling in werking trad. “Dit is niet zomaar een maatregel. Dit is een instrument dat gezinnen over de hele lijn ten goede komt”, aldus Schryvers.
“Vermogen dat vroeger bleef ‘hangen’ bij een generatie die het minder nodig had, stroomt nu door naar wie het effectief kan benutten. Dat geeft de jongere generatie meer kansen, en het is ook goed voor onze bredere economie. Wat ik in 2015 vooropstelde als een logische correctie in ons erfrecht, is vandaag realiteit voor duizenden Vlaamse gezinnen”, besluit Schryvers.