Met de erkenning van een nieuwe dienst voor maatschappelijk onderzoek (DMO) krijgen de kandidaat-adoptieouders die al lang wachten op de verderzetting van hun adoptieprocedure nu toch een duidelijk perspectief op de afhandeling van hun dossier. MOA vzw, de nieuwe erkende Dienst voor Maatschappelijk Onderzoek, erfde 126 dossiers van zijn voorganger en wil die tegen het einde van het jaar allemaal afhandelen. Dat vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers in antwoord op een parlementaire vraag aan Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke.

22-08-2021

Mensen die zich kandidaat stellen om een kindje te adopteren moeten vaak een lange procedure doorlopen. Na de aanmelding en registratie volgen twee infosessies. Daarna beslist het Vlaams Centrum voor Adoptie (VCA) welke kandidaten daadwerkelijk aan de voorbereiding mogen beginnen. Na de voorbereidingssessies is het aan de familierechtbank om opdracht te geven voor een maatschappelijk onderzoek (tussenvonnis). Dat maatschappelijk onderzoek gebeurt door de Dienst Maatschappelijk Onderzoek (DMO). Op basis van dat onderzoek kan dan een geschiktheidsvonnis volgen. Pas na het bekomen daarvan kan de bemiddeling via een adoptiedienst starten.

Vanaf 1 januari 2017 werd de bestaande expertise van de drie DMO’s (Brussel, Hasselt en Gent) die voorheen actief waren, gebundeld binnen één dienst, nl. het DMO verbonden aan het CAW Brussel (Centrum voor Algemeen Welzijnswerk).

Achterstand

“Door alle maatschappelijke onderzoeken te laten voeren door eenzelfde organisatie, wilden we expertise bundelen en zorgen voor eenzelfde beoordeling van alle kandidaat-adoptanten”, aldus Vlaams Parlementslid Katrien Schryvers. “In de praktijk stelden zich bij het DMO Brussel de voorbije periode echter ernstige personeelsproblemen, waardoor de achterstand in behandeling van dossiers opliep tot onaanvaardbare wachttijden. Ook de coronacrisis deed hier geen goed aan.” Terwijl kandidaten in januari 2019 gemiddeld 3 à 4 maanden moesten wachten tussen de opdracht aan het DMO en het eerste gesprek, was dit eind 2020 opgelopen tot 7 à 8 maanden. De gemiddelde tijd vanaf de opdracht aan het DMO tot de aflevering van het verslag bedroeg dan al 10 maanden en één week. Rekening houdend met een gemiddeld tijdsverloop van 40 dagen tussen de uitspraak van het tussenvonnis en de opdracht aan het DMO, betekende dat dat er tussen het tussenvonnis van de familierechtbank en het afleveren van een verslag van de DMO zelfs bijna een jaar verliep, zo berekende Schryvers.

Herhaaldelijk liep het parlementslid de minister op om te zoeken naar een oplossing voor de lange wachttijden. “De hele adoptieprocedure is een lange af te leggen weg en gaat gepaard met heel wat onzekerheid. Dit weegt vaak emotioneel zwaar voor de kandidaat-adoptanten”, stelt Schryvers, ”Het is daarom belangrijk om de wachttijden en de verschillende stappen zo kort mogelijk te houden.”

Nieuwe erkenning

In antwoord op parlementaire vragen hierover stelde minister Beke de erkenning van een nieuwe DMO voorop. Het bleek immers niet mogelijk de problemen bij de DMO Brussel op te lossen en daarenboven zou de erkenning van deze dienst eind dit jaar aflopen. Die nieuwe DMO werd recent gevonden, en wel in de vzw MOA, die op 1 mei 2021 erkend werd en op dezelfde datum ook effectief van start ging.

Het betreft een nieuwe organisatie. De personeelsploeg bestaat uit maatschappelijk werkers, psychologen en een coördinator. Het gaat om zowel nieuwe medewerkers als voormalige personeelsleden van de DMO te Brussel en freelance medewerkers met ervaring bij de vroegere DMO’s in Limburg, Gent en Brussel. “Ik ben tevreden dat de minister niet gewacht heeft tot het aflopen van de erkenningstermijn van het vroegere DMO, maar initiatief heeft genomen om op 1 mei al een nieuwe dienst te erkennen. Dit was echt nodig want de wachttijden voor kandidaat-adoptanten liep steeds meer op. Daarbij is het een goede zaak dat de bestaande expertise verder kan worden benut en kan worden aangevuld met nieuwe werkkrachten”, vindt Schryvers. Met het huidige personeelsbestand van MOA vzw moeten 165 dossiers per jaar afgewerkt kunnen worden.

Achterstand wegwerken

Op het moment van de overdracht op 1 mei ll, lagen er bij DMO Brussel niet minder dan 126 dossiers die wachtten op afhandeling, zo vernam Schryvers in antwoord op een recente parlementaire vraag. Al deze dossiers werden zorgzaam overgedragen naar de nieuwe werking. 7 van deze dossiers waren al in 2019 aangemeld.

Van de 126 dossiers vereisen 37 dossiers onmiddellijke opvolging, blijkt uit de cijfers die Schryvers bekwam. Die moeten afgewerkt zijn tegen augustus. Het gaat om dossiers waarvan de gesprekken reeds werden opgestart maar nog niet werden afgewerkt, dossiers die geactualiseerd moeten worden en dossiers waarin bijkomende onderzoeken verricht moeten worden binnen een bepaalde termijn die werd opgelegd door de rechtbank.

30 dossiers betreffen een binnenlandse adoptie. Aangezien er momenteel echter voldoende kandidaten met een geschiktheidsvonnis voor binnenlandse adoptie zijn, worden deze dossiers momenteel on hold gezet. Zo wordt vermeden dat van te veel kandidaten voor binnenlandse adoptie het geschiktheidsvonnis zou vervallen, zo klinkt het. De betrokken kandidaten zijn op de hoogte gesteld.

De 59 dossiers voor buitenlandse adoptie zouden vanaf augustus worden opgestart en moeten tegen december afgewerkt zijn. Andere dossiers hebben betrekking op stiefouderadopties en intrafamiliale adopties.

De dossiers met aanmelding bij MOA vzw vanaf 1 mei 2021 zullen dan begin januari 2022 kunnen worden opgestart.

Om de achterstand te kunnen inhalen werden niet alleen freelance medewerkers aangeworven, maar werd ook de manier van werken onder de loep gehouden. Bedoeling is om voortaan gesprekken efficiënter in te boeken en de verslagen inhoudelijk sterk, maar compacter te maken.

Schryvers is tevreden met de opstart van de nieuwe DMO en de manier waarop de achterstand wordt aangepakt. “De maatregelen om de achterstand binnen de DMO van CAW Brussel weg te werken bleven zonder resultaat. Eindelijk krijgen de kandidaten nu een concreet perspectief van de termijn waarbinnen hun maatschappelijk onderzoek zal afgerond zijn”, aldus Schryvers, “Het doorlopen van de adoptieprocedure is niet evident. Het is dan ook heel belangrijk dat kandidaat-adoptieouders in elke stap van het proces zo snel mogelijk duidelijkheid verwerven over waar zij aan toe zijn.”