De nieuwe Dienst voor Maatschappelijk Onderzoek voor adoptie zorgt voor een aanzienlijke inhaalbeweging om de achterstand voor de maatschappelijke onderzoeken in het kader van adoptie weg te werken. Dat vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers in antwoord op een parlementaire vraag aan Vlaams minister van Welzijn Hilde Crevits. Op amper 8 maanden tijd werden 78 dossiers volledig afgewerkt en werd de wachtlijst ingekort van 126 dossiers op 1 mei 2021 tot 94 dossiers op 31 december 2021. “Dat is goed nieuws voor de kandidaat-adoptieouders. De hele adoptieprocedure is lang en gaat gepaard met heel wat onzekerheid. Dit weegt vaak emotioneel zwaar”, stelt Schryvers, ”Het is daarom belangrijk om de wachttijden en de verschillende stappen zo kort mogelijk te houden. Het maatschappelijk onderzoek liet in het verleden vaak heel lang op zich wachten. Goed dat de erkenning van een nieuwe DMO zorgt voor beterschap.”

Wie die zich kandidaat stelt om een kindje te adopteren moeten een hele procedure doorlopen. Na de aanmelding en registratie volgen twee infosessies. Daarna beslist het Vlaams Centrum voor Adoptie (VCA) welke kandidaten daadwerkelijk aan de voorbereiding mogen beginnen. Na de voorbereidingssessies is het aan de familierechtbank om opdracht te geven voor een maatschappelijk onderzoek (tussenvonnis). Dat maatschappelijk onderzoek gebeurt door de Dienst Maatschappelijk Onderzoek (DMO). Op basis van dat onderzoek kan de familierechtbank een geschiktheidsvonnis uitspreken. Pas na het bekomen daarvan kan de bemiddeling via een adoptiedienst starten.

Op 1 januari 2017 nam de DMO verbonden aan het CAW Brussel (centrum voor algemeen welzijnswerk) ook de taken over van de DMO te Hasselt en te Gent. “Door alle maatschappelijke onderzoeken in het kader van adoptie te laten uitvoeren door één dienst in plaats van door drie werd de bestaande expertise gebundeld. Die bundeling moest ook leiden tot een meer eenduidige beoordeling van de dossiers”,  zegt Vlaams parlementslid Katrien Schryvers daarover.

Achterstand

In de praktijk stelden er zich echter ernstige personeelsproblemen, waardoor kandidaat-adoptieouders onaanvaardbaar lang moesten wachten op de behandeling van hun dossier. “Ook de coronacrisis deed hier geen goed aan,” betreurt Schryvers. Terwijl in januari 2019 gemiddeld 3 à 4 maanden verstreken tussen het tussenvonnis en het eerste gesprek met de DMO, was dit eind 2020 opgelopen tot 7 à 8 maanden. Herhaaldelijk riep Katrien Schryvers in het Vlaams parlement op om te zoeken naar een oplossing.

Nieuwe DMO

Deze werd gezocht en gevonden in de erkenning van vzw MOA. Die nieuwe DMO ging van start op 1 mei 2021 en nam de 126 lopende en wachtende dossiers van DMO Brussel, wiens erkenning eind 2021 toch zou eindigen, over.

Het betreft een nieuwe organisatie. De personeelsploeg bestaat uit zowel nieuwe medewerkers als voormalige personeelsleden van de vroegere DMO te Brussel, Limburg en Gent. “Het is een goede zaak dat de bestaande expertise verder kon en kan worden benut en wordt aangevuld met nieuwe werkkrachten”, vindt Schryvers. Via een beknoptere verslaggeving, gestandaardiseerde overwegingen en een efficiënte invulling van de agenda van de medewerkers wordt ernaar gestreefd om per jaar 165 dossiers af te werken.

Wachtlijst verkort

Bovenop de 126 dossiers, overdragen door DMO Brussel, werden in de loop van vorig jaar 62 nieuwe dossiers aangemeld bij vzw MOA. Van deze 188 dossiers werkte de nieuwe DMO er 78 af in 2021, zo vernam Schryvers in antwoord op een parlementaire vraag. Drie dossiers werden afgewerkt door de DMO, maar stopgezet door de kandidaat-adoptanten zelf. 13 dossiers werden stopgezet voor de screening klaar was. “Zo sloot vzw MOA op 31 december 2021 het eerste werkjaar (van 8 maanden) af met een wachtlijst van 94 dossiers”, concludeert Schryvers, “Tijdens de eerste 8 maanden van de werking van de nieuwe DMO is de wachtlijst dus al verminderd met 32 dossiers.” In de eerste vier maanden van dit jaar kon vzw MOA al 39 dossiers afsluiten. Zo konden eind juli alle dossiers die aangemeld werden in 2021, worden afgewerkt.

Door de nieuwe manier van werken moeten bovendien minder Bijkomende Onderzoeken worden uitgevoerd. In 2021 kreeg vzw MOA de opdracht van de familierechtbanken om in 18 dossiers verduidelijking te geven of een herevaluatie te maken van dossiers die voordien bij DMO Brussel werden behandeld. Doordat MOA vzw zelf betere, duidelijke en wetenschappelijk onderbouwde verslagen opmaakt, krijgt de nieuwe DMO beduidend minder vragen tot Bijkomende Onderzoeken. Midden juni 2022 stond de teller nog maar op 5. “Als deze trend zich voortzet, betekent dat meer tijd om de wachtlijst nog verder weg te werken” zegt Schryvers tevreden.

“De maatregelen om de achterstand binnen de DMO van CAW Brussel weg te werken bleven zonder resultaat. Met de nieuwe DMO hebben de kandidaten nu een concreter perspectief van de termijn waarbinnen hun maatschappelijk onderzoek zal afgerond zijn”, aldus Schryvers, “Het doorlopen van de adoptieprocedure is niet evident en kandidaten moeten heel wat verschillende stappen doorlopen. Het is dan ook heel belangrijk dat kandidaat-adoptieouders in elke stap van het proces zo snel mogelijk duidelijkheid verwerven over waar zij aan toe zijn.”

Lees hier ook over op www.nieuwsblad.be