Sinds 2020 worden de daders van intrafamiliaal geweld die een tijdelijk huisverbod krijgen, opgevolgd en begeleid door de Justitiehuizen. Er is echter een enorm verschil in de mate waarin de parketten van het tijdelijk huisverbod gebruik maken tussen de verschillende Vlaamse provincies. In 2020 ontvingen de justitiehuizen in de provincies Limburg en Antwerpen maar liefst 93% van alle dossiers ter zake. Het justitiehuis van Antwerpen spant de kroon met 83 dossiers, of maar liefst 38% van de dossiers over heel Vlaanderen. Dat vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers (CD&V) in antwoord op een parlementaire vraag aan Vlaams minister voor Justitie Zuhal Demir (N-VA).

23-03-2021

Sinds een aantal jaren is het mogelijk dat daders van huiselijk geweld een tijdelijk huisverbod krijgen opgelegd. Sinds 2020 worden deze daders ook opgevolgd door de justitiehuizen. In totaal ontvingen de Vlaamse justitiehuizen in 2020 zo 217 dossiers tijdelijk huisverbod (THV). 

Uit de cijfers die Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers ontving in antwoord op een parlementaire vraag blijken er wel grote regionale verschillen te bestaan.

Zo kwam meer dan de helft van de begeleidingsdossiers naar aanleiding van een tijdelijk huisverbod (113 dossiers of 52,1%) toe in het gerechtelijk arrondissement Antwerpen (justitiehuizen van Antwerpen, Mechelen en Turnhout). Daarvan kreeg het justitiehuis te Antwerpen maar liefst drie vierde (83 dossiers of 73,5%) te verwerken. Na koploper Antwerpen volgt de provincie Limburg met 89 nieuwe dossiers, of 41%.  In Oost-Vlaanderen, West-Vlaanderen en Brussel gaat het slechts over een handvol dossiers, terwijl het tijdelijk huisverbod in Vlaams Brabant helemaal niet werd toegepast.   

 

Het is opvallend, maar wellicht niet toevallig, dat op de plaatsen waar het vaakst wordt beslist tot een tijdelijk huisverbod ook al andere initiatieven met betrekking tot intrafamiliaal geweld bestaan. In de andere arrondissementen kiezen de procureurs nog steeds meer voor andere maatregelen zoals het vorderen van een onderzoeksrechter, het verzoek aan de politiediensten om de partijen op vrijwillige basis een regeling te laten treffen, …

“In Antwerpen, Mechelen en Hasselt zijn al enige tijd Family Justice Centers actief, waar verschillende diensten, zoals bijv. politie, parket, CAW, jeugdbescherming, OCMW… intens samenwerken”, verduidelijkt Schryvers, “Op die manier kan aan slachtoffers van gezinnen waar geweld voorkomt een betere, gecoördineerde dienstverlening worden geboden.”

Dat dossiers van huiselijk geweld op een gezinsgerichte manier worden aangepakt en dat er ook aandacht gaat naar de opvolging en begeleiding van de dader, vindt Schryvers een goede zaak. “Met het tijdelijk huisverbod kunnen slachtoffers van intrafamiliaal geweld en vaak ook kinderen in de woning blijven en kan er gewerkt worden aan een normalisering van de situatie tussen de verschillende partijen”, zo besluit het parlementslid, “De mate waarin slachtoffers via deze maatregel thuis kunnen blijven en de dader intussen ook wordt opgevolgd, blijkt nu echter mee afhankelijk van de plaats waar men woont. In een aantal regio’s wordt het tijdelijk huisverbod zelfs helemaal niet toegepast. Dat moet veranderen. Daarom pleit ik voor meer bekendmaking van deze mogelijkheid in de regio’s waar het nu nog niet of maar beperkt wordt toegepast.”