De spitsstroken op de E313 en de E19 helpen op weekdagen het verkeer vanuit Antwerpen af te voeren. Indien nodig, kunnen de stroken ook buiten de voorziene uren worden opengesteld. Die nood is er vooral voor de strook op de E313, zo leerde Vlaams parlementslid Katrien Schryvers uit het antwoord op parlementaire vragen die zij stelde aan de minister van mobiliteit.

Tussen de ring rond Antwerpen en de splitsing E313-E34 kan het verkeer sedert september 2011 tijdens drukke momenten over de pechstrook rijden. Door middel van variabele rijstrooksignalisatieborden wordt die zogenaamde spitsstrook in normale omstandigheden op weekdagen opengesteld van 14 uur tot 20 uur en op vrijdagen vanaf 12 uur, om zo te zorgen voor een snellere afvoer van het verkeer vanuit Antwerpen. Sedert de zomer van 2014 kunnen de weggebruikers ook gebruik maken van zo’n spitsstrook op de E19 tussen Kleine Bareel en Sint-Job-in-‘t-Goor. Met deze spitsstroken wordt op drukke momenten de capaciteit van de snelwegen aanzienlijk verhoogd.

Normaal gezien zijn deze spitsstroken zo’n 250 keer per jaar geopend (5 dagen x 52 weken – 10 feestdagen). Indien de verkeersdrukte of de omstandigheden (ongeval, werken,…) het vereisen, kan het Vlaams Verkeerscentrum de spitsstroken ook op andere momenten openstellen.

Uit cijfers die Vlaams parlementslid Katrien Schryvers opvroeg bij minister van mobiliteit Lydia Peeters blijkt dat de nood om de spitsstrook langsheen de E313 meer te laten gebruiken dan de normale uren veel groter is dan voor de spitsstrook langsheen de E19.  Zo werd de spitsstrook tussen de ring rond Antwerpen en de splitsing E313-E34 in Ranst in 2019 op weekdagen maar liefst 74 keer vroeger geopend of later gesloten dan voorzien, terwijl dit voor de spitsstrook op de E19 slechts 15 keer gebeurde. Dat een spitsstrook vroeger wordt opengesteld dan de normale uren is meestal te wijten aan de drukte. Tussen de Antwerpse ring en Ranst gebeurt dit ook regelmatig om file omwille van een ongeval op de R1/E313 weg te leiden.

Soms zijn er omstandigheden die meebrengen dat een spitsstrook niet tijdig geopend kan worden of vroeger gesloten wordt. “Dit aantal is gelukkig heel beperkt,”, zo stelt Schryvers, “In 2019 gebeurde dat op de E313 slechts 4 keer, en op de E19 slechts 2 keer. Oorzaken zijn dan een defect voertuig of een ander obstakel.”

Naast de normale periodes worden de spitsstroken soms ook op andere momenten opengesteld. Het aantal van dergelijke bijkomende openstellingen  van de spitsstrook op de E313-E34 lag vorig jaar op 38. De spitsstrook langsheen de E19 moest buiten de normale periodes slechts 7 keer opengesteld worden.

Wat nog opvalt uit de cijfers die Katrien Schryvers bekwam, is dat de extra openingen op de E313-E34 meestal nodig zijn omwille van file aan de uitrit Wommelgem (10 keer) of omwille van een ongeval op de R1/E313 (9 keer). Maar liefst 19 van de 38 extra openingen betrof openstellingen tijdens het weekend. Dit is het hoogste aantal sedert de invoering van de spitsstrook. Ter vergelijking: de spitsstrook op de E19 tussen Kleine Bareel en Sint-Job-in-‘t-Goor werd in 2019 slechts drie keer opengesteld tijdens het weekend.

“De spitsstroken missen hun effect niet, en doen de afvoer van het verkeer vanuit Antwerpen duidelijk vlotter verlopen, ” aldus Katrien Schryvers, “De cijfers tonen aan dat vooral de strook op de E313   vaak buiten de normale gebruiksuren wordt opengesteld, en dus niet alleen nuttig is voor het normale werk-woonverkeer. Voor de spitsstrook op de E19 is de nood voor bijkomende openstelling duidelijk minder aanwezig.”

    Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.