De Lijn registreerde in 2020 107 meldingen van seksueel grensoverschrijdend gedrag op haar voertuigen of aan de haltes. Dat zijn er 17 meer dan in 2019, toen er 90 meldingen werden opgetekend. “Ondanks de grote daling van het aantal verplaatsingen per bus en tram, is er sprake van meer meldingen van seksueel grensoverschrijdend gedrag op voertuigen of aan haltes”, stelt Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers, die de cijfers opvroeg in een parlementaire vraag, vast. “Het blijft dus heel belangrijk om in te zetten op sensibilisering, zowel van slachtoffers om aangifte te doen als van omstaanders om niet weg te kijken en in te grijpen waar mogelijk.”

In totaal telde De Lijn in het coronajaar 2020 107 meldingen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Het kan dan gaan over grensoverschrijdend gedrag zowel op een voertuig als aan een halte. 34 van de 107 meldingen die De Lijn registreerde in 2020, kwamen via de politie. De andere meldingen gebeurden door onder meer het verslag van de chauffeur, de dispatching, de controle of de begeleider, of rechtstreeks van een meldingsfiche van een reiziger.

Het totaal aantal meldingen ligt hoger dan in 2019, toen het ging over 90 gevallen. “Dit is opvallend,” aldus Vlaams parlementslid Katrien Schryvers, die de cijfers opvroeg, “2020 was immers het coronajaar. Tijdens de lockdown werd er veel minder gebruik gemaakt van het openbaar vervoer. Desondanks is het aantal meldingen gestegen.”

Specifieke plaats

2019

2020

Halte

12

25

Voertuig

61

70

Andere: elders op de weg, premetro

11

10

Niet gekend

6

2

Totaal

90

107

Regionale verschillen

Een registratie van de meldingen per provincie is er niet, maar wel per zone. Zone Oost omvat de provincies Antwerpen, Limburg en Vlaams-Brabant, zone West bestaat uit Oost- en West-Vlaanderen en de Brusselse Rand.

De stijging in 2020 situeert zich volledig in zone Oost, dat wil zeggen in de provincies Antwerpen, Limburg en Vlaams-Brabant. Terwijl er in 2019 ongeveer evenveel meldingen werden gerapporteerd in zone Oost (47) als in zone West (43), lag het zwaartepunt in 2020 in zone Oost, met 66 meldingen tegenover 41 in zone West.

Zone

2019

2020

Zone Oost

47

66

Zone West

43

41

Totaal

90

107

Weinig bereidheid tot melden

De cijfers die Schryvers bekwam van minister Lydia Peeters liggen ver weg van de conclusies van een bevraging die Plan International niet lang geleden deed bij 3000 jongeren. Daaruit bleek dat het openbaar vervoer een zogenaamde ‘hotspot’ is voor gevallen van seksuele intimidatie en dat onderweg van en naar school maar liefst één op de tien jongeren ermee te maken krijgt. “Dat wijst er dus op dat er maar een beperkte vorm van bereidheid is om onaangepast gedrag waarmee men wordt geconfronteerd op een bus of tram te melden bij De Lijn of de politie”, concludeert Schryvers.

Wanneer de melding gedaan wordt aan (een medewerker van) De Lijn wordt wel steeds het advies gegeven om aangifte te doen bij de politie. Op een eerdere parlementaire vraag van Schryvers antwoordde de minister al dat De Lijn zoveel mogelijk voertuigen met camera’s inzet, in het bijzonder voor schoolritten, opdat beeldmateriaal indien nodig ter beschikking kan worden gesteld van de politie.

 “Het is echt belangrijk om grensoverschrijdend gedrag te melden”, benadrukt Schryvers, “Het mag echt niet onder de radar blijven en daders moeten ter verantwoording kunnen worden geroepen.

Sensibiliseren

Naar aanleiding van het rapport van Plan International deed Schryvers al een oproep bij Vlaams minister van Mobiliteit Lydia Peeters (Open VLD) om een campagne op te zetten om mensen te sensibiliseren niet weg te kijken wanneer ze getuige zijn van grensoverschrijdend gedrag. Zij is dan ook tevreden dat enerzijds De Lijn volgend jaar een algemene sensibiliseringscampagne plant rond respect op het openbaar vervoer, waarin elk grensoverschrijdend gedrag gevat is, en dat anderzijds Sensoa (het Vlaams expertisecentrum voor seksuele gezondheid) recent de hashtag WijGrijpenIn lanceerde. Met die campagne wil men in de eerste plaats jongeren en jongvolwassenen motiveren om daadwerkelijk en effectief op te treden als ze grensoverschrijdend gedrag vaststellen.

“Het blijft écht nodig om in te zetten op zo’n campagnes”, vindt Schryvers, “Het is immers belangrijk om bij slachtoffers de schroom weg te nemen om seksueel grensoverschrijdend gedrag te melden, en om omstaanders aan te moedigen slachtoffers te helpen. Seksueel grensoverschrijdend gedrag kan een grote impact hebben op slachtoffers. We moeten er dan ook alles aan doen om het fenomeen een halt toe te roepen.”

Zie ook MSN en Nieuwsblad