“Ook mensen die in een sociale huurwoning wonen, moeten de kans krijgen om in de eigen omgeving te blijven wonen als ze ouder of zorgbehoevend worden, en dit ongeacht de plaats waar men woont”, aldus Vlaams Volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers. In deze Vlaamse Ouderenweek kaart het parlementslid de grote verschillen aan in de mate waarin het aanbod aan woningen van sociale huisvestingsmaatschappijen is aangepast aan bewoners met een fysieke beperking of toegankelijk is voor mensen met een rolstoel. Daarnaast herhaalt Schryvers haar oproep om de aanpassingspremie ook open te stellen voor huurders van een sociale woning.

Wachten op registratie

“Wanneer mensen zorgbehoevend of minder mobiel zijn of worden, bijvoorbeeld door ouderdom, kunnen beperkte aanpassingen aan de woning een groot verschil maken voor de levenskwaliteit en ervoor zorgen dat mensen (langer) zelfstandig kunnen blijven wonen in de vertrouwde omgeving”, aldus Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers, “Dat geldt evenzeer voor wie een sociale huurwoning huurt als voor wie in een eigen woning woont of huurt op de private huurmarkt.” Omdat er echter lange tijd geen cijfers beschikbaar waren over het aanbod aan sociale huurwoningen die zijn aangepast aan bewoners met extra ondersteuningsnoden, deed het parlementslid in het verleden meermaals een oproep tot een goede registratie daarvan. “Alleen zo krijgen we een duidelijk zicht op het aanbod én op de manier waarop maatschappijen hier nog meer een prioriteit van zouden moeten maken”, zegt Schryvers.

Na lang aandringen van Schryvers gaf Vlaams minister bevoegd voor Wonen Matthias Diependaele recent opdracht om werk te maken van een inventaris. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt tussen rolstoeltoegankelijke en aangepaste woningen. Dat een woning is aangepast betekent dat een persoon met een beperking er zelfstandig in kan functioneren. Alle lokalen van de woning bevinden zich verplicht op hetzelfde niveau dat toegankelijk is voor de rolstoelgebruiker. In een rolstoelbezoekbare woning daarentegen kan een persoon in een rolstoel, eventueel met hulp, de woning tot in de leefruimte bezoeken, via een drempelloze toegang en een inkomdeur en deur naar de leefruimte die voldoende breed zijn.

Van de 79 sociale huisvestingsmaatschappijen (SHM) hadden er aan het einde van de zomer 32 de inventaris volledig afgerond. 65 screenden meer dan 95% van hun patrimonium op toegankelijkheid.

Grote verschillen tussen de Sociale Huisvestingsmaatschappijen

Zowel wat betreft het percentage aangepaste woningen als het aandeel rolstoeltoegankelijke woningen zijn er opvallende verschillen tussen de verschillende sociale huisvestingsmaatschappijen, zo blijkt uit een parlementaire vraag van Schryvers.

Van de SHM die meer dan 95 procent van hun patrimonium screenden, varieert het aandeel aangepaste woningen volgens de inventaris tussen amper 1 procent en 6,7 tot 8 procent van het totaal aantal woningen. Het gemiddelde ligt op 2,6%. “Dat betekent evenwel niet dat 2,6 procent van het totale patrimonium aangepast is”, verduidelijkt Schryvers, “Van de vijf grootste sociale huisvestingsmaatschappijen zitten er immers vier behoorlijk onder dat gemiddelde.” Het gaat om Woonhaven Antwerpen (0,2%), Woningent (1,7%) De Ideale Woning (1,5%) en De Volkshaard (0,5%). Enkel De Mandel zit met 3,7% erboven.

Op vlak van rolstoelbezoekbaarheid zijn de verschillen tussen de maatschappijen nog groter. Zo zijn er SHM die rapporteren dat 80% en meer van hun aanbod rolstoelbezoekbaar is, terwijl anderen amper tien procent halen. Gemiddeld bedraagt het aandeel rolstoelbezoekbare woningen van de SHM 41,1%, maar ook hier ligt de score van de grootste SHM soms beduidend lager. Van Woonhaven Antwerpen is 34,2% van het patrimonium rolstoeltoegankelijk, bij Woningent gaat het om 14,8% en bij De Volkshaard om 9,5%. De Ideale Woning duidde volgens de inventaris geen enkele woning aan als enkel rolstoelbezoekbaar. De Mandel daarentegen heeft een aandeel van 84,9% rolstoeltoegankelijke woningen.

SHM

Totaal aantal huurwoningen

31/12/2021

Rolstoelbezoekbaar

Aangepast

%

%

De Ideale Woning

6.264

0,0%

1,5%

Woonhaven Antwerpen

17.196

34,2%

0,2%

Woningent

8.863

14,8%

1,7%

De Volkshaard

5.631

9,5%

0,5%

De Mandel

4.886

84,9%

3,7%

“Omwille van het ontbreken van een inventaris deed ik enkele jaren geleden zelf een bevraging bij de woonmaatschappijen”, zegt Schryvers, “De verschillen die daaruit bleken, zie ik nu bevestigd in de inventaris.” Die grote verschillen zijn, aldus de minister, mogelijks te verklaren door enerzijds de lokale gevoeligheden en de mate waarin daarop wordt ingespeeld, en anderzijds de aanwezigheid van zorgvoorzieningen lokaal. Het valt te verwachten dat daar waar er meer samenwerkingen zijn met welzijnsvoorzieningen er meer aandacht is voor de noden op dat vlak, zo klinkt het. 

Daarnaast moeten sinds 2008 volgens de richtlijnen van de VMSW (Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen) nieuwe sociale woningen toegankelijk of rolstoelbezoekbaar worden ontworpen. Het kan dus zijn dat SHM die de voorbije jaren veel nieuwe woningen bouwden, betere cijfers kunnen voorleggen.

“De cijfers tonen aan dat er door sommige SHM toch extra inspanningen moeten gebeuren”, aldus Schryvers, “Of je (sneller) aanspraak kan maken op een sociale woning die is aangepast aan je fysieke beperkingen of die van een familielid, zou niet mogen afhangen van de plek waar je woont.”

Dat de nood aan voldoende aangepaste sociale woningen er is, blijkt uit de cijfers. Op 31 december van vorig jaar stonden naar schatting 2477 dossiers op de wachtlijst voor kandidaat-huurders die aanspraak maken op aangepaste huisvesting omwille van een fysieke handicap of beperking van henzelf of één van hun gezinsleden. Dat zijn er 430 meer dan eind 2019. In totaal ging het in 2020 over 1,1% van alle wachtende dossiers.

In vertrouwde omgeving kunnen blijven wonen

“Maar er is meer. We moeten immers niet enkel kijken naar het aantal wachtenden, we moeten ook rekening houden met het feit dat mensen steeds ouder worden en dat met de leeftijd vaak de zorgnood stijgt en de mobiliteit vermindert”, gaat Schryvers verder. “Op het totaal aantal van 144.812 sociale huurders in heel Vlaanderen, waren er eind 2020 maar liefst 70.049 60 jaar of ouder. In de provincie Antwerpen zijn er 19.943 van de sociale huurders minstens 60 jaar oud. Ook op de wachtlijsten zien we dat een aanzienlijk deel van de kandidaat-huurders 60 jaar zijn of ouder. In totaal ging het eind 2020 over niet minder dan 31.357 kandidaten. Alleen al in de provincie Antwerpen waren dat er 9.785.”

In het Vlaams Regeerakkoord is opgenomen dat mensen zo lang mogelijk thuis of in de vertrouwde omgeving moeten kunnen blijven wonen, onder meer om het risico op vereenzaming te verkleinen. Uiteraard geldt dat ook voor huurders van een sociale woning, maar dan moeten de maatschappijen voldoende aangepaste en toegankelijke woningen in hun verhuurpatrimonium hebben of moet het makkelijker worden om de nodige aanpassingen aan de sociale woning te doen.”

Schryvers herhaalt daarom haar vraag om de aanpassingspremie voor ouderen ook open te stellen voor deze doelgroep. Nu kunnen immers enkel woningeigenaars of huurders op de private markt er beroep op doen wanneer ze ouder zijn dan 65 jaar en hun woning willen aanpassen aan hun veranderende noden. “Ook voor sociale huurders kunnen kleine aanpassingen aan de woning met behulp van de aanpassingspremie een groot verschil maken”, besluit Schryvers.